Een ronde muur, kolom of nis afwerken: zo pak je die lastige plek aan

Een ronde muur, kolom of nis afwerken: zo pak je die lastige plek aan

Bijna ieder huis heeft wel zo’n plek. Een muur met een bocht erin, een kolom midden in de kamer of een nis waar niets netjes in past. Je schuift er een kast voor, je hangt er iets op en toch blijft het rommelig ogen.

In dit artikel lees je waarom die plekken zo lastig zijn, welke afwerkingen er zijn en welke daarvan past bij jouw situatie. Ook lees je hoe je meet, hoe je de ondergrond voorbereidt en welke fouten je makkelijk kunt voorkomen. Technische kennis heb je er niet voor nodig.

Waarom deze plekken zo lastig zijn

De meeste materialen in huis zijn gemaakt voor rechte vlakken. Behang komt op rollen, planken zijn recht en een plint loopt in een rechte lijn. Zodra er een bocht in de muur zit, moet het materiaal twee kanten op meebewegen. Dat lukt lang niet altijd.

Er speelt nog iets mee. Licht valt op een ronding steeds net iets anders. Kleine oneffenheden en naden vallen daardoor sneller op dan op een rechte wand. Bij een vrijstaande kolom komt daar nog bij dat je hem van alle kanten ziet. Er is geen achterkant waar je een minder mooie naad kunt wegwerken.

De afwerkingen op een rij

Grofweg heb je vier keuzes. Welke het beste werkt, hangt af van de vorm van de plek en van het resultaat dat je voor ogen hebt.

AfwerkingWanneer dit werkt
VerfBij een gladde, egale ondergrond en als je de vorm juist niet wilt laten opvallen.
BehangBij een flauwe bocht. Bij een sterke ronding gaan de banen sneller trekken.
StucwerkAls je de wand naadloos wilt maken. Meestal werk voor een vakman.
Buigbare panelenBij ronde muren, kolommen en meubels, als je de vorm juist wel wilt laten zien.

Het verschil zit vooral in de bedoeling. Verf en stucwerk laten de vorm zo veel mogelijk verdwijnen. Panelen maken er juist een blikvanger van.

Buigbare panelen in het kort

Flexibele wandpanelen bestaan uit smalle houten latten die op een buigzame drager zijn bevestigd. Die drager maakt het verschil. Waar een gewoon paneel breekt of scheurt, volgt dit type paneel de bocht van de muur.

Ze zijn er in verschillende houtlooks, van licht eiken tot walnoot en zwart. De panelen zijn vaak 270 centimeter lang en 30 centimeter breed, zodat je in één keer van de vloer tot bijna aan het plafond komt. Inkorten kan met een gewone zaag.

Ze zijn ook niet alleen voor muren bedoeld. Een kolom, de zijkant van een keukeneiland, een balie of de voorkant van een kast: overal waar een rechte plaat niet omheen komt, kan dit wel.

Zo bepaal je wat bij jouw plek past

Voordat je iets bestelt, is het slim om goed te kijken naar wat je precies voor je hebt. Een bocht in een muur vraagt iets anders dan een kolom, en een nis vraagt weer iets anders. Hieronder staan de drie situaties die het vaakst voorkomen.

De ronde muur of erker

Bij een ronde muur is de belangrijkste vraag hoe scherp de bocht is. Een flauwe welving vergeeft veel. Een strakke bocht, zoals bij een ronde erker, is kritischer. Leg een rechte lat of een waterpas tegen de muur en kijk hoeveel ruimte er in het midden overblijft. Hoe groter die ruimte, hoe sterker de bocht.

Verticale latten werken hier in je voordeel. Doordat ze van boven naar beneden lopen, hoeft alleen de drager mee te buigen en niet de latten zelf.

De vrijstaande kolom

Een kolom is eigenlijk een ronde muur zonder begin en eind. Dat is meteen het aandachtspunt, want je komt ergens weer uit. Bepaal van tevoren waar de naad komt en kies daarvoor de kant die je het minst ziet, bijvoorbeeld richting een hoek of de muur.

Meet de omtrek met een rolmaat om de kolom heen en niet met een liniaal langs de voorkant. Dat scheelt vaak meer dan je denkt.

De nis of schuine hoek

Een nis is meestal niet rond, maar wel krap. Hier is meten belangrijker dan buigen. Meet de breedte bovenin, in het midden en onderin, want oude muren staan zelden helemaal recht. Ga daarna uit van de kleinste maat.

Bij een schuine hoek helpt het om de afwerking over beide vlakken door te laten lopen. Zo wordt de hoek onderdeel van het geheel in plaats van een onderbreking.

Meten en voorbereiden

Goed voorbereiden scheelt achteraf het meeste gedoe. Controleer eerst of de ondergrond droog, schoon en stevig is. Loszittend behang, kruimelend stucwerk of een vettige verflaag zijn geen goede basis. Haal los materiaal weg en stof de muur af.

Bereken daarna hoeveel materiaal je nodig hebt. Deel de breedte of de omtrek van de plek door de breedte van één paneel en rond naar boven af. Reken er een beetje extra bij voor snijverlies. Dat is een stuk prettiger dan halverwege ontdekken dat je er net één tekortkomt.

Laat het materiaal tot slot een dag in de ruimte liggen voordat je begint. Hout beweegt mee met temperatuur en luchtvochtigheid. Even laten wennen voorkomt dat er later ruimte tussen de delen ontstaat.

Zo ga je te werk

Begin bij de kant die het meest opvalt en werk naar de minst zichtbare kant toe. Kleine afwijkingen komen dan uit op de plek waar je ze het minst ziet.

Zet het eerste deel waterpas. Dat klinkt logisch, maar juist bij een ronding is de verleiding groot om op het oog te werken. Staat het eerste deel scheef, dan loopt het verschil bij elk volgend deel verder op.

Buigbare panelen breng je meestal aan met montagekit op de achterzijde. Je drukt het paneel tegen de muur en houdt het even op zijn plek. Bij een sterke bocht is het handig om de eerste minuten te ondersteunen met tape of een steun. Werk daarbij in één richting door en spring niet heen en weer.

Fouten die je makkelijk voorkomt

De meestgemaakte fout is te snel bestellen. Een verkeerde inschatting van de bocht of de omtrek merk je pas als alles binnen is. Meet daarom twee keer en bestel pas daarna.

Een tweede valkuil is de kleur. Hout ziet er op een foto anders uit dan in jouw kamer, zeker bij weinig daglicht. Een monster aanvragen kost weinig en voorkomt teleurstelling.

Onderschat tot slot de afwerking niet. De randen bovenin en onderin bepalen voor een groot deel of het geheel af oogt. Denk daar van tevoren over na en niet pas als alles al hangt.

Kort samengevat

Een ronde muur, een kolom of een nis is geen probleem, maar een kans. Kijk eerst wat voor vorm je precies hebt, kies daarna een afwerking die daarbij past en neem de tijd om te meten en voor te bereiden. Wil je de vorm laten verdwijnen, dan liggen verf en stucwerk voor de hand. Wil je er juist iets van maken, dan zijn buigbare panelen de makkelijkste weg naar een resultaat dat eruitziet alsof het altijd zo bedoeld was.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *